paul koenen

De contacten die ontwerpers aan Designday overhouden, leiden regelmatig tot mooie opdrachten. Dit leggen we vast in een nieuwe reeks verhalen: Designday stories. In deel 2 van de serie: beeldend kunstenaar Paul Koenen.

De volgens eigen zeggen bijna ziekelijke neiging om terug te blikken, te zoeken naar een verloren tijd, en vast te leggen wat is geweest, dat gaat op voor beeldend kunstenaar Paul Koenen (1967). En sterker nog: hij zou het liefst met een tijdmachine de tijd vooruit schieten om te zien hoe dingen versneld verouderen. Zijn verhalende zitmodules uit bouwpuin getiteld: ‘Het geheugen van Maastricht’, vormen zo’n vehikel om iets te bewaren van wat er vroeger was.

Het gaat Koenen goed sinds hij hiermee de Design Award 2017 ‘Made for Maastricht’ won. Hij heeft inmiddels vijf robuuste èn poëtische stadsbanken verkocht van gemalen gebouw of van mijnsteengranulaat. Twee aan IBA-Parkstad en twee aan de Gemeente Kerkrade. En naast het Eiffelgebouw heeft de gemeente Maastricht samen met het Student Hotel een set van drie vierkante en rechthoekige modules aangeschaft die straks achter het Student Hotel komen te staan.

Met zijn stadsmeubilair van verzameld bouwpuin heeft Koenen de letterlijke resten samengebracht in unieke zitmodules als een hommage aan de gebouwen die er ooit stonden en de mensen die erin verbleven. Hij heeft het geheugen gegoten in steen, en dat letterlijk een tweede leven gegeven, als eeuwige herinneringen in het landschap.

Zo geeft Koenen, die zelf opgroeide boven de mijngangen van de Willem Sophia in Europa’s oudste steenkolenstad Kerkrade, in zijn werk zijn jeugd vorm. Het doel: ‘De banken waar bewoners, passanten en toeristen samen op kunnen zitten, verspreiden over de stad. De stadsbanken communiceren met elkaar; je zou een rondleiding kunnen boeken langs alle exemplaren’, hoopt hij. En breder nog wil hij zijn Minestone-banken plaatsen op het gemeenschappelijke carboonbekken dat van Duitsland door België en Nederland loopt, zodat er een internationaal netwerk ontstaat.

Gemalen bunker
Om zijn objecten te realiseren lobbyt Koenen pro-actief. Bij de Tapijnkazerne bijvoorbeeld, waarvan hij weet dat de oude atoombunker wordt gesloopt, reserveert hij alvast een kuub gemalen bunker. Zo verzamelt hij zijn materiaal met enig gemak. Maastricht ondergaat immers de grootste verandering in de laatste honderd jaar. Industriële complexen worden afgebroken, na-oorlogse wijken gerenoveerd, de Koning-Willem Alexandertunnel aangelegd. Voor de openbare ruimte in die nieuwe wijken die ontstaan wil Koenen meer zitelementen ontwerpen die de geschiedenis van de plek vertellen.

De eveneens uit de prijs voortkomende opdracht van het bestuur van het Elisabeth Strouven Fonds, leek echter een wat lastiger opgave. Het fonds, gevestigd in de gebouwen die rechtstreeks voortkwamen uit de roeping van de 17e eeuwse devote en seculiere Elisabeth om zieke en arme mensen te helpen, wilde een bank voor in de voortuin van de villa. Koenen: ‘Maar er was geen bouwpuin. Om toch zo dicht mogelijk bij Elisabeth te blijven heb ik haar dagboek ingezien, rondgedwaald en de uitgesleten natuurstenen trappen betreden waar al die mensen ooit overheen hebben gelopen. ‘Dat alles inspireerde mij om een bank te maken die volgend voorjaar wordt gepresenteerd,’ vertelt Koenen.

Intussen hoopt hij in zijn nieuwe, grotere atelier in het Belgische Tongeren, tussen de banken door, nieuw autonoom werk te maken. ‘Zoals een decor, fotografie of een beeld’, zegt de breed geïnteresseerde kunstenaar.

paulkoenen.com


Materiaal dat door mijnwerkers ooit zelf naar boven is gehaald, vormt door de verbranding een rood mijnsteen-granulaat. Er worden fietspaden en gravelbanen van gemaakt, maar Koenen vindt er een meer esthetische toepassing voor in zijn Minestone-bank van gepolijst mijnsteen-beton en terrazzo.